Hoe nu Mattheus 24 te lezen en te begrijpen?

8 Maar al die dingen zijn nog maar een begin van de weeën.
9 zullen zij u overleveren aan verdrukking en u doden, en u zult door alle volken gehaat worden omwille van Mijn Naam.
10 En dan zullen er velen struikelen en zij zullen elkaar overleveren en elkaar haten.
11 En er zullen veel valse profeten opstaan en die zullen er velen misleiden.
12 En doordat de wetteloosheid zal toenemen, zal de liefde van velen verkillen.
13 wie volharden zal tot het einde, die zal zalig worden.
14 En dit Evangelie van het Koninkrijk zal in heel de wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken; en dan zal het einde komen.

Een passage uit Mattheus 24.

Het is niet mijn bedoeling hier te veel uit te wijden voor welke periode dit bedoelt is geweest, kan zijn of kan worden. Het is aan de lezer om de contexten eruit te halen. Lastig is als wij hoofdstukken apart zien en daarop onze meningen baseren.  

Het uitgangspunt is dat alle boeken één geheel waren, zonder een indeling van hoofdstukken en /of verzen. Daarom is voorlopig na veel lezen de hoofdstukken Mattheus 23 t/m 26 à 27 in feite in grote context, waarin verschillende periodes beschreven staan en voor wie, Israël of de heiden en in welke periode.

Van de passage die ik neem, zou je een kleine sleutel voor welk periode kunnen nemen als zijnde te kunnen verstaan voor welke periode.
Vers 14 heeft:
Evangelie van het Koninkrijk

Dus, dat zou betekenen dat het evangelie van de genade (genadetijdperk) hier voorbij is, zoals wij nog steeds in deze huidige bedeling zitten.

Maar het gaat mij even om de tekst:
12 En doordat de wetteloosheid zal toenemen, zal de liefde van velen verkillen.

Andere vertalingen zijn:

En omdat de ongerechtigheid vermenigvuldigd zal worden, zo zal de liefde van velen verkouden staat er.
En omdat de ongerechtigheid vermenigvuldigd zal worden, zo zal de liefde van velen verkouden. En voor de veelheid van wetteloosheid wordt de liefde van velen gekoeld

Nee, de betekenis van verkouden zal niets iet direct hebben gelinkt met het corona. En toch geeft nu al die onzinnige maatregelen van afstand houden, geen handen geven, elkaar niet begroeten en een muilkorf van een mondkapje het gevoel van vervreemding en eigenlijk bang zijn voor de liefde. De tekst dat de liefde zal verkillen heeft natuurlijk betrekking op het verharden van je ziel. Maar hoeveel voor- en tegen van zielen rondom corona hebben zich niet in hun standpunten verhard. We moeten waken voor tegenstellingen. We moeten elkaar geen dingen opleggen, we moeten zoeken naar wijsheid en dat komt soms met de jaren.

Alsof we nu in een voorfase nog een keer gewaarschuwd worden door God. De maatschappij is door corona een maatschappij waar de liefde nog meer verkild.

We zien verder in het hoofdstuk over Noach.
NBG-51
Want zoals zij in [die] dagen vóór de zondvloed waren, etende en drinkende, huwende en ten huwelijk gevende, tot op de dag, waarop Noach in de ark ging, 39 en zij niets bemerkten, eer de zondvloed kwam en hen allen wegnam, zo zal ook de komst van de Zoon des mensen zijn. 40 Dan zullen er twee in het veld zijn, één zal aangenomen worden en één achtergelaten worden; 41 twee vrouwen zullen aan het malen zijn met de molen, één zal aangenomen worden, en één achtergelaten worden. 42 Waakt dan, want gij weet niet, op welke dag uw Here komt.

De verdere uitleg, van “en hen allen wegnam”, zien we dat er één werk in het veld, één zal aangenomen worden etc.

De aanleidende context zou kunnen zijn:
32 Leert dan van de vijgenboom deze les: Wanneer zijn hout reeds week wordt en de bladeren doet uitspruiten, weet gij daaraan, dat de zomer nabij is. 33 Zo moet ook gij, wanneer gij dit alles ziet, weten, dat het nabij is, voor de deur

Kortom, het land Israël is er weer en het komt tot bloei, het gaat uitlopen. Dit kan aangeven dat, zoals Daniël- Jesaja en Openbaringen onder andere schrijven, dat de context,zoals bij Noach, de toenmalige bevolking werd weggenomen van Noach en zijn familie. Dit wegnemen wordt dan verklaard door dat er twee in het veld zijn en één aangenomen zal worden.

Mattheus 24:23 t/m 31 gaat over die tijd van de grote verdrukking. De passage vanaf vers 32: gaat nog over de signalen aan ons gegeven, de vijgenboom, het uitspruiten van de bladeren, wij die dit nog kunnen lezen in deze genadetijdperk.

Categorieën: Bijbelse visies